Niet meer naar de kerk…

Niet meer naar de kerk…

 

De helft van ons gezin komt nauwelijks nog in de kerk. Misschien zou je denken dat de kerkenraad ons daarvoor wel op het matje zou roepen. Maar nee hoor, tot nu toe niet. Waarom niet? Je kunt het ze vragen… Ik denk dat voor de meesten van hen hetzelfde geldt. De kerkgang is er goed uit.

Als het daar over gaat hoor je vaak ‘de jongeren’ , de ‘midden generatie’. Maar als trouw kerkganger weet ik dat dat beeld niet klopt. Ook het merendeel van de vijftig- en zestigplussers zoekt uit wanneer ze wel of niet gaan. Sommigen gaan niet als er iets anders is als zoals het vroeger was. Anderen komen juist dan. Misschien dat ze over het jaar gezien wat vaker komen, maar zijn ze daarom trouwer?

Misschien dat er nog een klein, een heel klein, handje vol kan zeggen dat ze niet minder naar de kerk gaan als vroeger. Voor het overgrote deel geldt dat ze minder, soms veel minder gaan.

Dan komt natuurlijk de grote vraag: waarom gaan we minder naar de kerk. Mensen van buiten de kerk vinden het antwoord meestal in de reden dat de ‘knellende banden’ van de kerk de oorzaak zijn. Voor mensen die (nog) wel wat met de kerk hebben klopt dat vaak niet. Wie voelt zich nog gedwongen om naar de kerk te gaan? Ja, het is wel zo dat als je wat minder gaat, je last kan hebben van een gevoel dat je eigenlijk wel wat vaker zou moeten gaan, en zelfs ook wel wilt. Maar het komt er niet van. Die ‘knellende banden’ zitten soms meer in jezelf dan dat de kerk ze uitdraagt.

Wat is dan de oorzaak?

Iemand die dat eens heeft onderzocht zegt dat het komt door de ‘zwakkere overdrachtscultuur’. Eenvoudig gezegd: we weten het niet zo precies meer wat we aan onze kinderen moeten vertellen. En aan onszelf zou ik er aan willen toevoegen!

Wat betreft onze kinderen is dat wel duidelijk. Een aantal jaren geleden hebben we nog wel informatieavonden gegeven voor de ouders over de catechese. We zijn daar mee gestopt omdat er letterlijk één of twee ouders kwamen. Daar was kennelijk geen behoefte meer aan.

We merken het ook dat de kinderen nog nauwelijks Bijbelkennis hebben. Zou er thuis niet meer worden gelezen uit de bijbel…..

En hoe zit het voor onszelf? Het is meestal erg verstandig om bij jezelf te beginnen.

Ik denk dat een belangrijk deel van de ontkerkelijking is gekomen door twee verschillende oorzaken.

De eerste is: we hoeven niet meer. De maatschappij is zo veranderd dat we niet meer afhankelijk zijn van een kerk, een vereniging of wat dan ook. Onze welvaart en onze welstand is zo toegenomen dat we in staat zijn om zelf ons leven overeind te houden. Die wederzijdse afhankelijkheid is aardig verdwenen, en daarmee ook de sociale druk om er bij te blijven. (Naar mijn overtuiging gingen vroeger ook veel mensen naar de kerk omdat het moest, en niet zozeer omdat ze zo’n levend geloof hadden.)

De tweede reden is dat ons geloof niet zo duidelijk meer te omschrijven is. Omdat we niet meer moeten, kunnen we ook vrijer omgaan met de vraag of God wel bestaat, en hoe dan, en of God dan wel een direct lijntje met mij heeft. En omgekeerd natuurlijk: of ik wel zo nodig een direct persoonlijk lijntje met God moet hebben. De noodzaak is weggevallen. Dat kan een bevrijding zijn.

Het kan ook een verarming zijn als je er niets voor terug krijgt. Dan blijft er een verlangen knagen, maar weet je niet meer precies waar je het zoeken moet. In de kerk?

Tijd voor de conclusie. En dat kan ik alleen doen door weer bij het begin te kijken naar mijzelf.

Ik weet niet precies wat ik geloof. Ik weet ook bepaald niet wat ik van God moet denken. Dat zeg ik ook met een gerust hart vanaf de kansel. Ik kan niet anders verkondigen dat waar ik zelf sta.

Betekent dat dan dat er niets meer is dan twijfel? Wel nee, in tegendeel. Ik heb een grote rugzak met verhalen en getuigenissen van mensen die mij inspireren en die mij steeds weer terugwijzen naar God. Niet als een God die ik kan uittekenen van zus en zo is Hij. Niet meer een God van zekerheden die ik heel vroeger wel heb gehad. Maar wel al die verhalen, liederen, gebeden, en mensen, vooral mensen, die mij verbinden met God. En ja, dan weer die vraag: wie is dan die God? Tja….

Nog even over de kerkgang. Laat het schuldgevoel achter je. Je mag gaan wanneer je wilt en niemand kijkt je daar op aan. Want we komen bijna allemaal als het ons past. Weet je altijd welkom. En misschien wel het belangrijkste: zo is het ook echt, degenen die er zijn, zijn blij dat ook de anderen er zijn. Dus ook als jij er weer bij bent. We verwachten niet meer van elkaar dat we er alle zondagen zijn. Dat doen we zelf ook niet. (al zou het wel fijn zijn…). Maar dat is de gemeenschap van Christus in deze tijd: mensen die wel met elkaar in gesprek blijven rondom die verhalen en getuigenissen. Mensen met ons volle en rijke leven die toch ook ruimte willen houden voor de vragen en verhalen rondom God. Waarbij we onszelf en elkaar niet meer hoeven vast te leggen aan regels en voorwaarden van hoe het moet. Maar blij zijn met een ieder die meedoet.

 

Ds. René Kok.