Preek 11 augustus 2013

Het was op de H.E.A.O.  dat ik besloot om een andere studie te gaan doen.

Je zou kunnen zeggen at ik dominee ben geworden door een affiche op de H.E.A.O.

Op dat affiche stond vermeld eerst wat je verdient, daarna wat je gaat doen.

Jong en idealistisch dacht ik: dat nooit, dan heb ik over vijf jaar een B.M.W. en een echtscheiding achter de rug.

Nix mis mee, (zeker niet met die BMW) maar niet voor mij.

Ik moet daarbij bekennen, ik had de luxe dat ik het mij kon veroorloven dat te zeggen.

Als je goed kan leren heb je een stapje voor, en dat is geen prestatie, dat is een geluk, en als je het goed weet te gebruiken een voorrecht.

Dan is het iets makkelijker om te zeggen: ‘Geld maakt niet gelukkig.’

Maar wat dan wel?

Wat maakt wel gelukkig.

 

1st gelezene, man is extreem rijk, alle kan hij laten bouwen en planten, en hij heeft er ook lol in, laat dat duidelijk zijn. Het is hetzelfde als je hier, ergens op de Bovenboer, zo tegen de kant van de Wieden aan, een boerderijtje hebt, je bent de koning te rijk.

En toch concludeert hij ‘het leven is lucht, er is niets waar je houvast aan hebt’

Je kan je leven mooi maken, en ik zou je het je ook wel willen aanraden dat te doen.

Maar wat biedt het je, dan genoegen en zorgen?

 

En toch willen we meer, altijd meer.

Alsof we er aan verslaafd zijn. Geld is een raar goedje.

Je hebt een mobieltje, en dan na een jaar, hooguit twee jaar, dan komt er weer wat nieuws uit met een betere camera, meer mogelijkheden, vooral ook sneller. Daar ga je.

Digitale camera, tablet, of je zoveelste aanvulling op je klerenkast, je gereedschapskast.

We zijn nog niet al te lang terug van vakantie, moet je eens kijken wat er langs de weg rijdt aan caravans en campers.7 meter caravans is heel gewoon. Waarom ook niet.

 

Weet u, ik heb het een keer letterlijk meegemaakt dat een stel kinderen ruzie ging maken over de erfenis toe vader nog op zijn sterfbed in leven was. Zo erg dat de man zijn kinderen aan zijn bed riep en daar zijn spullen verdeelde. Terwijl ze allemaal genoeg hadden, meer dan genoeg.

Blijkbaar doet geld wat met ons.

 

Bij Jezus komt een man en die heeft ruzie met zijn broer over de erfenis. ´t Is niet nieuw wat ik vertelde.

Blijkbaar is geld belangrijker dan samen rouwen.

Dan vertelt Jezus een verhaal van een rijk man, die geld en goed te over heeft.

En wat doet hij: 6x zegt hij ík´, 4x zegt hij ‘mij’ en 0 x heeft hij het over ‘de ander’

en als hij met zichzelf in gesprek is, tot wie spreekt hij ‘tot zijn ziel’

nou ja, wat is je ziel, we weten het niet eens precies, maar met ziel, bedoelen we toch,

het meest wezenlijke, het meest dierbare, kostbare wat je bent

het meest wezenlijke voor hem is wat hij heeft aan rijkdom voor zichzelf,

hij is niet meer dan de dingen om hem heen, hij levert zich er aan uit, in zijn kleine wereldje.

Dan ben je niet goed wijs, zo iemand noemt God een dwaas, iemand die van God los is.

Als je alleen maar voor je eigen wereldje leeft, dan ben je van God los.

 

Waarom vertelt Jezus deze gelijkenis, omdat iemand hem vraagt te bemiddelen.

Hij weigert er op in te gaan, zoek het zelf maar uit.

Het gaat hem om iets anders.

Wat dan.

 

Om datgene wat letterlijk onbetaalbaar is.

Met geld kan je je leven wel vullen, maar je kan er geen zin aan geven.

Wel vermaak, wel afleiding, en noem maar op. En nogmaals ga je gang zou ik zeggen, er is niets mis mee, niets fouts aan.

Maar je kan daarmee geen zin geven aan je leven, geen vreugde, geen vriendschap, geen verwondering, geen vrijheid

Kijk, dat is nu juist wat je leven zo kostbaar maakt.

vreugde, vriendschap, verwondering, vrijheid

 

Wat je leven kostbaar maakt, dat is onbetaalbaar.

Als je na de dood van je vader gaat ruzie maken over de erfenis, mag je je afvragen hoeveel liefde er was, en hoeveel liefde er is.

Mijn ervaring is dat als iemand sterft die je lief is, dat het samen delen van je verdriet het meest kostbare is wat er bestaat. Dat is dan ook het enige op dat moment wat er wezenlijk toe doet. En wat je ook bijblijft.

 

Mijn ervaring is dat als ik erg hard aan het werk ben en me druk maak om allerlei dingen die er moeten komen, en die ik moet hebben, of wil hebben, dat ik dan vergeet om te genieten. Gewoon van wat er is.

 

Dat is vakantie: vakantie is niet het genieten van wat je hebt, maar van wat je krijgt.

Ik heb vaak genoeg bij een sterfbed gestaan, maar nog nooit heb ik iemand horen zeggen dat hij of zij meer had willen werken, of meer dingen had gewild.

Heel vaak juist dit: had ik maar tijd besteed, aan mijn kinderen, mijn vriendschap, mijn man, mijn vrouw. Had ik maar meer lief gehad, en meer genoten.

 

Een laatste ding nog daarbij, want dat heb je wel nodig bij al die dingen die ons leven kunnen opslokken.

De vrijheid.

Vrijheid is één van de mooiste woorden en één van de mooiste zoeklichten in je leven.

Wat is vrijheid.

 

In de eerste plaats dan je je niet uitlevert aan wie of wat dan ook.

En zeker niet aan je geld, je goed, je rijkdom, je stand die je wilt ophouden, je schijnbare veiligheid waarmee je leven volbouwt, je angst.

 

Vrijheid dat is het besef dat je nu mag leven met alles wat je in je leven gegeven is, je moet het niet uitstellen tot morgen of tot je pensioen

Vrijheid dat is dat je weet, dat je leven niet een bezit is, maar een geschenk, kwetsbaar, broos, wondbaar, maar oh zo mooi

Vrijheid, dat is dat je weet, dat het meest kostbare van je leven niet is wat je hebt, maar wat je ontvangt

Vrijheid, dat is leven vanuit de verwondering, dat je een schepsel bent, een kind van God.

 

Als je dan in gesprek bent met je zelf, met je ziel.

Heb het dan niet over geld, maar over de rijkdom die onbetaalbaar is, je vrienden, je beminden, de liefde. De goedheid van de zon, de bloemen, het leven.

Verwonder je er over, dat je een levende ziel bent, onder Gods goede hemel.

 

Amen