Preek 17 februari 2013

 

Samenvatting van de verkondiging op 17 Februari

God heeft het koningschap van Saul afgewezen. Samuël moet een nieuwe koning zalven uit de zoons van Isaï. Samuël ziet in Eliab weer een Saulfiguur, groot en sterk. Maar Eliab en de volgende broers zijn niet de koning. De keus valt op David, met wie eigenlijk niemand rekening hield. Het gaat niet om onze kwaliteiten. Wij vergapen ons zo gauw aan de buitenkant. David wordt door God gekozen, om niet. Een Messias die onopvallend is. Maar: De Geest van de Heer was op hem.

David heeft nog een lange weg te gaan voor hij koning is. Saul en David gaan samen op. Twee messiassen, de verworpene en de gekozene.

David is een type van Jezus. Jezus is ook onopvallend, incognito. Ook door een tijd van beproeving, verzocht door de duivel. De verleiding om het te zoeken in menselijke grootheid, maar Jezus trapt daar niet in. De weg naar het koningschap lijdt door de diepte, bij Jezus nog meer dan bij David..

In Jezus komen de twee kanten samen, de verworpene en de gekozene. De Saul kant van ons mens-zijn is op Hem. Het drijft Hem de dood in. Zo bevrijdt Hij ons. Hij verworpen om ons. Maar door God verkozen. God wekt Hem op uit de dood. Door lijden tot de troon. Om ons te doen leven als mensen van God.

Opdat wij onze grootheid afleggen en willen dienen. Door ons te voegen naar Gods wil. Elkaar aanvaarden en vergeven. Niet oordelend naar de buitenkant. De minste een plaats geven.

In die weg van God is er toerkomst. Wij hebben een koning die ons leven geeft. Laten we ons dan aan Hem toevertrouwen.

Tekst: 1 Sam. 16 : 13m en 14a  “David was doordrongen van de Geest van de Heer. De Geest van de Heer had Saul verlaten.”